Voorleestips

Voorleestips

Kinderen die al op jonge leeftijd ervaren hoe leuk lezen is, gaan zelf meer lezen, wat een blijvend positief effect heeft op hun woordenschat, spelling en tekstbegrip. Bovendien prikkelt het de fantasie en het is goed voor de taalontwikkeling. 

Je kind ontdekt ook via verhalen hoe de wereld in elkaar zit, hoe mensen reageren, hoe problemen worden opgelost. Zo krijgt je kind grip op de dingen om zich heen. Studies wijzen ook uit dat voorlezen later een invloed heeft op de schoolprestaties.

We geven je graag enkele tips om het voorleesmoment extra te verrijken! 

1. Kies een boek dat past bij de interesse van je kind

Vraag aan je kind waar het graag meer over zou weten of kies een thema dat aansluit bij zijn of haar eigen situatie zoals een verjaardag, de komst van een broertje of zusje, … Hou ook rekening met het soort verhaal dat je kind graag leest: verhalen over ridders en kastelen, over een bepaald personage zoals Kaatje of Rikki. Het is ook goed om af te wisselen zodat je kind kan kennismaken met verschillende soorten teksten.

Tip voor in de kleuterklas: Kinderen vinden het leuk als ze in een boek dingen herkennen die ze net op school hebben geleerd. Moedig hen aan om er zelf over te vertellen.

2. Voorspel samen het verhaal

Kijk samen naar de cover van het boek en lees de titel voor. Vraag je kind waar hij denkt dat het boek over zal gaan en waarom het dat denkt. Je kunt ook in het boek zelf stoppen op een spannend moment en vragen aan je kind hoe het denkt dat het verder gaat. Door na te denken over het verhaal, leert je kind oplossingen te bedenken en voor jou is het  een manier om te weten of je kind het verhaal begrijpt.

3. Ga in op moeilijke woorden

Moeilijke woorden worden in de context van het verhaal vaak wel duidelijk. Maar door het uit te leggen of een tekening te laten zien onthoudt je kind het beter en leert het weer een nieuw woord.

4. Lees voor zoals je bent

Probeer voor te lezen zoals je praat.  Stemmetjes en mimiek gebruiken kan een extra dimensie aan je verhaal geven, maar het hoeft helemaal niet. Doe dit enkel als je jezelf er goed bij voelt, en overdrijf niet. Twee stemmetjes is al best moeilijk om gedurende het hele verhaal vol te houden.

Ook belangrijk: lees langzaam en rustig voor, articuleer goed, laat voldoende pauzes en hou oogcontact met je kind aan als je voorleest. Blijf steeds jezelf en doe niets waar je je niet goed bij voelt.

Tip voor in de kleuterklas: je kunt tussendoor een kinderliedje laten horen, of zelf zingen, passend bij het verhaal in het boek. Kinderen voor dat heel leuk en het is een handig als je merkt dat de aandacht verslapt.

5. Laat je kind vertellen en zorg voor interactie

Voorleestijd is de tijd waarin je samen met je kind kunt kijken, luisteren, praten en lachen. Geef je kind de kans om te reageren op de dingen die hij hoort of ziet. Zo blijft het betrokken bij het verhaal, begrijpt het beter het verhaal en verliest het minder snel de aandacht.
Koppel het verhaal terug naar de kinderen zelf. Je kunt bijvoorbeeld vragen of je kind graag naar school gaat, of het zelf een prinses of ridder zou willen zijn, wat zijn lievelingskleur is…

De kinderen kunnen ook een bijdrage leveren door de bladzijde om te slaan, een bepaald dierengeluid te maken, details te zoeken in de tekeningen … 

Tip voor in de kleuterklas: creëer een verrassingseffect. Nieuwsgierig maken werkt altijd. Je kunt voorwerpen meenemen die aansluiten bij het boek om de kinderen nieuwsgierig te maken naar het verhaal: een tovenaarsstokje, een knuffel, een muts, een hoed waaruit je iets kan toveren – al is het maar een ballon of snoepjes – het is altijd leuk.

6. Lees gerust hetzelfde boek opnieuw voor

Vaak hebben kinderen een favoriet boek, waarnaar ze telkens opnieuw willen luisteren. Herkenning en herhaling vinden peuters en kleuters leuk, dus je kan een verhaal gerust meerdere keren voorlezen. De tweede en volgende keer kun je bijvoorbeeld meer aandacht besteden aan details, of andere accenten leggen in je verhaal.  

7. Praat nog even na

Is het boek uit, dan kun je nog even napraten over het verhaal. Wat vond je kind van het boek? Wie/wat in het boek vond je kind leuk/niet leuk? Zo verwerkt je kind het verhaal beter en krijg je ook feedback over je keuze van het buek.

We wensen jou en je kind veel voorleesplezier!

Scroll naar top